T +31(0)20 670 65 60 T +31(0)70 361 70 02 info@silkadvocaten.nl
NL / EN

Blog.

Wie van de echtgenoten mag tijdens de echtscheiding in de echtelijke woning wonen?

leestijd 2 minuten gepubliceerd op 08 februari 2021

Als twee echtgenoten samen een woning hebben, is een veel voorkomende vraag wie van hen tijdens de echtscheiding in die woning mag blijven wonen. Als de woning gezamenlijk eigendom is, hebben beide echtgenoten evenveel recht om in de woning te verblijven. De ene echtgenoot mag de andere echtgenoot niet de toegang tot de woning ontzeggen of de sloten van de woning vervangen.

Het verdient de voorkeur om in overleg afspraken te maken wie tijdens de echtscheiding gebruik van de woning zal maken. Er is daarbij een aantal opties. Eén van de echtgenoten kan de woning verlaten en tijdelijk elders verblijven. Een andere optie is dat beide echtgenoten om en om gebruik van de woning maken. Met name in het geval dat er voor kinderen gezorgd moet worden, kan dit een goede optie zijn. Dit wordt ‘birdnesting’ genoemd. In deze optie blijven de kinderen permanent in de woning wonen en pendelen de ouders heen en weer.

In het geval dat het niet lukt om afspraken met elkaar te maken, dan kan de rechter een beslissing nemen wie voorlopig - gedurende de echtscheidingsprocedure - in de woning mag blijven wonen. De rechter maakt een belangenafweging aan de hand van alle relevante omstandigheden, waaronder:

  • Hoe is de zorg voor de kinderen geregeld? Het uitgangspunt hierbij is dat de kinderen voorlopig in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen.
  • De financiële omstandigheden. Welke echtgenoot is in staat om tijdens de echtscheiding de woonlasten te betalen? Maar ook welke echtgenoot is na de echtscheiding financieel in staat om de woning in eigendom over te nemen?
  • Is één van de echtgenoten aan de woning gebonden, bijvoorbeeld vanwege het werk of fysieke beperkingen.
  • De mogelijkheden om ergens anders te kunnen verblijven.

Als één van de echtgenoten de rechter om het uitsluitend recht op de woning vraagt en het verzoek wordt toegewezen, dan geldt dit in beginsel voor de duur van zes maanden na de echtscheiding. Een rechter kan ook een kortere termijn bepalen indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven. De echtgenoot die geen gebruik van de woning mag maken, kan de andere echtgenoot gedurende deze periode om een financiële vergoeding vragen als compensatie voor het gebruik van zijn/haar deel van de woning.

Gedurende de periode dat één van de echtgenoten met uitsluiting van de ander in de woning woont, kan worden bekeken wat er met de woning na de echtscheiding dient te gebeuren. De beslissing hierover zal met name afhangen van de vraag wie de woning wil overnemen en of deze echtgenoot daartoe financieel in staat is. Als er een hypotheek op beider naam op de woning is gevestigd, dient de hypotheekverstrekker in te stemmen met een overname van de hypotheek en de andere echtgenoot uit zijn/haar hoofdelijke aansprakelijkheid ten aanzien van de hypotheek te ontslaan. Indien beide echtgenoten geen interesse hebben om de woning over te nemen of dit niet kunnen financieren, dan resteert een verkoop van de woning aan derden. 

Is er onduidelijkheid over wie in een woning mag blijven wonen of daarvan gebruik mag maken en komt u er niet uit. Neem dan contact met mij op. Ik denk graag met u mee.

 

 

Heeft u een vraag of opmerking? Laat dan een bericht achter.